thaiboksen

Een bokser mag zijn tegenstander K.O. (knock-out) slaan met zijn vuisten. In het thaiboksen is daarnaast ook een K.O. met de benen toegestaan. Trappen kunnen naar het hoofd en naar lichaam en bovenbeen gemaakt worden. Vooral de zogenaamde low kicks, die op de bovenbeenspier belanden, hebben een bijzonder effectieve en ook wel pijnlijke uitwerking. Bij herhaald contact kan de thaibokser niet op de benen blijven staan en moet hij de wedstrijd soms opgeven.

Een ander verschil met het boksen is het zogenaamde “clinchen”. Bij het normale boksen worden de vechters gescheiden op het moment dat zij elkaar als het ware “omarmen”, maar bij thaiboksen is het dan toegestaan om de tegenstander met de knie of elleboog te bewerken en indien mogelijk met judoworpen tegen het canvas te gooien. Hierdoor vereist deze sport veel training van de beoefenaar, alvorens er aan wedstrijden kan worden deelgenomen. Zeer velen beoefenen deze sport daarom puur recreatief; slechts een kleine groep komt in wedstrijden uit.